Het voelt als ontrouw, schurend als zand en schelpjes tussen hart en ziel. Na al die jaren van eenduidige, nauwelijks te overtreffen theatrale appreciatie, ontsnappen mij deze woorden. FC Bergman is de nieuwe Olympique Dramatique. De jonge winnaars van Theater aan Zee hebben het heilig vuur gestolen van de OD-goden. En die hebben het wellicht zelf gezocht. Ze hadden de aan Teirlinck afstuderende cast van ‘De thuiskomst’ maar niet aan boord moeten hijsen van hun ‘Adams appels’, tenzij ze een moment zochten om de fakkel door te geven. Maar misschien herkenden ze diezelfde baldadigheid, de broze onoverwinnelijkheid die ze zelf een decennium geleden ook hadden. FC Bergman voedt de ‘alles-kan-nog’ –illusie weer. Iets waar de toeschouwer zich gretig aan volvreet. Vol van verwachting voor wat nog komen zal.
Rik Verheye, Stef Aerts, Matteo Simoni, Bart hollanders… ik zag ze twee jaar geleden voor het eerst ‘bezig’. In een wat mank tot theatertje omgevormd klaslokaal in het conservatorium in Antwerpen deden ze een zeer verdienstelijke poging om te acteren. Ze worstelden zich onder het waakzaam oog van coach Robbie Cleiren door de obligate Brittanicus. Ze leken banger dan vandaag. Wat ze moesten doen kwam soms grotesk over. Maar je kon zien dat onder die drilroutine meer grillige naturen zich verscholen. Ik kwam niet voor hen, maar voor Marie Vinck, die datzelfde jaar Teirlinck de rug toekeerde. Teirlinck, niet haar klasgenoten, want die vervoegde ze alras in hun FC Bergman avontuur. Een fake auditie voor actrices, een uitbundig chaotisch ‘De Rotsenbreker’ op een alternatief festivalletje. Het schoolse acteren gooiden ze af als een uniformdas op de eerste dag van de grote vakantie. De goesting droop eraf.
Als verstokte Pinter fan, trok ik op mijn eerste TAZ-avond toch wat schoorvoetend naar de verlaten loods waar FC Bergman met ‘De Thuiskomst’ hun gang zou gaan. Pinter is zo sterk dat je hem nauwelijks kapot krijgt, maar je kan zoveel kansen laten liggen dat de frustratie zegeviert bij de liefhebber. Buiten schreeuwden de meeuwen, vast cirkelend boven het afval dat het decor uitmaakte. De toeschouwers baanden zich door de rotzooi wat onhandig een weg naar de tribune. Het speelterrein werd al door nog niet te definiëren personages bevolkt. Soms heb ik heimwee naar de dagen dat een rood fluwelen gordijn de magie van het theater bewaarde. Dat reeds zichtbaar aanwezig en bezig zijn ‘on stage’ geeft mij steevast het gevoel te laat te komen in een improvisatieklas. Maar goed. Ander probleem: alle acteurs waren groezelig, mannelijk en jong. Ik vroeg me af hoe we wijs gingen worden uit generaties en geslacht. En kom niet af met dat doet er niet toe. Kortom, ik had enig voorbehoud en tegelijk het verlangen naar een goeie Pinter-ervaring. Ik zou me over de sexchange van Matteo Simoni zetten, over het karikaturale tongkauwen van Rik Verheyen en over het tengere van Stef Aerts die hun ruwe stamvader vorm gaf. Het meest hachelijke (aan het begin van de rit althans) vond ik hun keuze om de tekst in een Andre Hazes’ Hollands te brengen. Maar verdomd, het werkte!
De ontleding van hun prestaties en die van Greg Timmermans, (ijzersterke acteur die helaas voor hem de herkenbaarheid heeft van een kameleon), laat ik over aan jury en recensenten die hen terecht alle eer hebben bewezen. Ik kan alleen mijn bewondering uitdrukken voor de efficiënte manier waarop ze de essentie van de Nobelprijswinnaar zijn theaterwerk hebben bovengespit. Dat keerpunt waarop desperate mensen op de bodem van het zwarte gat waarin ze leven, plots het licht lijken te zien. Hoe telkens weer de moreel gezien slechtste ontwikkeling tot een bizar happy end kan lijden. De schoonheid van berusting in de eigen onvolmaaktheid en liefde voor het zelfgeknede gedrocht dat je leven heet. Het was er allemaal.
De daaropvolgende dagen zag je de bende regelmatig opduiken bij matinee voorstellingen van kvs-producties, maar net zo goed in de veraf locaties waar hun generatiegenoten speelden. In het publiek leken ze jonger dan op de bühne. Wat onzeker en te nederig namen ze telkens ze op hun succes werden aangesproken, de complimenten in ontvangst. Wat me ook opviel is dat hun ambities zich vaak op heel diverse terreinen uitstrekten. Matteo is verliefd op de camera, Rik heeft een comedy-microbe onder het vel. Het voornemen om minstens één keer per jaar onder de FC Bergman noemer een stuk te maken, lijkt nobel. Het doet ook aan Olympique Dramatique denken die hun ‘eigen’ producties als de speeltuin zagen waarin ze zich uitleefden tussen het noeste werk elders door. Heel fysiek en sans gène. Zelfs de manier waarop ze met raadgevers (Jan Bijvoet voor dit stuk) en niet tot de kernbehorende gastacteurs omspringen, doet denken aan Tom, Stijn, Ben en Geert. Die schalkse rebellie en eigenzinnigheid. De bedrading tussen de leden, dat amicale en compatibele maar net zo goed concurrentiële.
Dat gedoemde om niet eeuwig samen te blijven, maar slechts tot de mythe ook onbemand overeind blijft.
Ik kijk uit naar de première van hun “Wandelen op de Champs-Elysées…” op 17 september in zaal Monty in Antwerpen, deze keer met Marie aan boord. En… diep in mijn hart naar de eerstvolgende Olympique Dramatique voorstelling zonder Toneelhuis-signatuur, puur voor old times sake, weer als vestaalse maagden rond het heilig vuur.



14/08/2009 om 22:39
Haha! Doet deugd nog eens een Grote Madam tevreden te horen.
Wadisdadallemaal met die manne die stelle dat de Vlaming(e) een Klaagbeest is in een land waar niets ontbreekt behalve de KlaagMUUR?
Ik moest aan Barack Obama denken en aan Stefaan en aan Chris: “Hoe telkens weer de moreel gezien slechtste ontwikkeling tot een bizar happy end kan lijden. De schoonheid van berusting in de eigen onvolmaaktheid en liefde voor het zelfgeknede gedrocht dat je leven heet.”
“Well done” in de taal van de films.
Stefaan
PS. Ik ga je een foto opsturen, ik heb zelf net in een specifieke, ambachtelijke context het Vuur van de Goden weergezien.
17/08/2009 om 11:21
en zeggen dat ik hun afstudeerproject ga begeleiden volgend seizoen
en zeggen dat Rik en Stef meespelen in ‘Kiekens’
08/10/2010 om 22:08
Zelden zo’n zwans gezien als De Thuiskomst gisteren in Minnemeers Gent. Gelukkig dat Nico Sturm, eenmailig vervanger van de vrouwelijke rol, iedereen naar huis speelde. Het Hazes Hollands, verdomd, het werkte! Ik dach (zonder ‘t’!) het niet, het werkte alleen maar op de zenuwen. Net als het schreeuwerige spel-vol-met-tics van vrijwel alle acteurs. Ge-hypet alom, maar de bal voledig mis, Pinter zou zich in z’n graf omdraaine…
01/11/2010 om 20:15
FC Bergman scoort wel degelijk en hoe!! met “De Thuiskomst”
Kheb de voorstelling nu 2 maal gezien en met volle teugen genoten.
De recensie van Chris van Camp slaat de nagel op de kop .Vol verwachting op wat nog komen zal , ga ik graag een derde keer kijken .
De reincarnatie van Olympique Dramatique … EINDELIJK !!
Proficiat aan de hele ploeg van Bergman .
16/11/2010 om 22:23
Sterke voorstelling gezien in Schoten.Pinter bleef heel en ik
werd heel klein.